De buurtvaders van Feijenoord

Buurtvaders van Feijenoord

Ze waren het zat. Al die negatieve berichten medio 2006 in de media over Marokkaanse probleemjongeren in Gouda en Utrecht. Zeven Marokkaanse vaders uit de wijk Feijenoord wilden, door zich in te zetten voor de buurt, laten zien hoe het ook kan. Nu, negen jaar later, lopen de Marokkaanse vaders nog altijd op maandag- en donderdagavond door de wijk.

Donderdagavond tien voor zeven. De regen slaat tegen de ramen van buurthuis De Dam. Sinds jaar en dag de verzamelplaats van de buurtvaders. Ook vandaag. Want het mag dan regenen, de ronde door de wijk gaat altijd door. Langzaam druppelt de ene na de andere Marokkaanse man het buurthuis binnen. Ter begroeting gaan de handen naar het hart, ter verwarming wordt er Marokkaanse thee gedronken. Zo gaat het altijd. Eerst even een bakkie om op te warmen en bij te kletsen en daarna met z’n allen naar buiten om door Feijenoord te lopen. Soms in meerdere groepjes. Vandaag zijn ze met z’n zessen. “Drie vaders zijn op dit moment in Marokko”, zegt voorzitter Mohamed El Hankouri van Stichting Al-moustaqbal, “anders waren ze er gewoon bij geweest vandaag. Weer of geen weer.”

Om kwart over zeven, als iedereen de zoete thee achter de kiezen heeft, gaan de zwarte jassen aan. Trots wordt de journalist gewezen op de letters van Al-moustaqbal. “Dat betekent ‘de toekomst’. Daar doen wij het allemaal voor. Voor een betere toekomst voor de kinderen”, zegt één van de vaders met een ernstige blik. Buiten regent het nog altijd pijpenstelen. Bij de Nijverheidsstraat komt de ‘patrouille’ tot een halt. Drie lantaarnpalen weigeren dienst. Mohamed haalt zijn opschrijfblok uit zijn zak en schrijft de nummers van de palen op. “Morgen geef ik dat door aan de deelgemeente. Dan zijn ze binnen een week gemaakt.” Defecte lantaarnpalen en losliggende stoeptegels zijn tegenwoordig de meest voorkomende onderwerpen in Mohameds opschrijfboek. “Vooral in de Oranjeboomstraat. Daar valt heel vaak de verlichting uit. Soms zelfs heel de straat.”

In 2006, toen de buurtvaders begonnen, was dat wel anders. Zo erg als de situatie met Marokkaanse jongeren in Gouda en Utrecht was het niet in Feijenoord. Wel was er destijds veel overlast van voetballende jongeren. “Die gasten bleven na het voetballen vaak hangen op de pleintjes. Dat zorgde voor veel geluidsoverlast voor omwonenden. Wij hebben toen een paar keer met die jongens gesproken, en daarna was het probleem opgelost.”

Buurtbewoner Farley, die zelf ook met jongeren in Feijenoord werkt, stelt zelfs dat het de enige aanpak is die werkt. “Een uniform schrikt af voor jongeren. Zeker in dit soort wijken waar jongeren door de politie en stadswachten als delinquenten worden behandeld. Dat was al zo toen ik hier opgroeide. De buurtvaders hebben een rustige, persoonlijke benadering. Dat werkt.”

“De opvoeding is voor een kind heel belangrijk”, weet Mohamed als vader van vijf kinderen. “Als ouder moet je je kinderen veel aandacht geven, niet op straat laten hangen, ze respect voor ouderen meegeven en vooral zorgen dat je weet wat ze allemaal doen.”

Farley is het daar mee eens. “Jammer genoeg lukt dat veel ouders in deze wijk niet. Niet om dat ze niet van goede wil zijn, maar omdat ze te veel bezig zijn met hun eigen, vaak financiële, problemen. Juist daarom zijn de buurtvaders zo belangrijk. Ze nemen de opvoedtaak een beetje over. Anders doet niemand het.”

Na negen jaar kennen ze bijna iedereen uit de wijk. Wat nu als ze op een van hun rondes een bekende een inbraak zien plegen? “Dan geven we dat ‘gewoon’ door aan de politie. Natuurlijk.” Ze maakten het nog niet mee. Het meest ‘spectaculaire’ in de afgelopen zeven jaar was een inbraak in een vrachtwagen. De buurtvaders zagen de klep van de vrachtwagen nog open staan. Meteen werd de toenmalige wijkagent Hans gebeld. Het had uiteindelijk weinig zin, want de dader was al lang en breed ontkomen. Toch zijn ze er van overtuigd dat de buurt een stuk veiliger is geworden door hun vier uur durende rondes op maandag- en donderdagavond. “Het gaat ook om het sociale aspect. We praten met heel de buurt als we rondlopen. Dat contact met buurtbewoners is ook heel belangrijk. Als zij over bepaalde zaken klagen, bijvoorbeeld over geluidsoverlast van buren, dan gaan wij met beide partijen praten om het op te lossen.”

De buurtvaders doen de rondes vanaf de eerste avond af aan geheel onbezoldigd. Tot vorig jaar kregen ze van deelgemeente Feijenoord jaarlijks een cadeaubon van 75 euro. Maar dit jaar kregen ze niets. Crisis, zeiden ze bij de deelgemeente. Het steekt de trotse vaders. Toch blijven ze hun rondes lopen. Cadeaubon of niet. En ook persoonlijke tegenslagen houden de buurtvaders niet tegen. Mohamed zit een beetje in een dip sinds hij een half jaar geleden zijn baan als mediatheekmedewerker verloor. De instelling waar hij voor werkte ging failliet. Evenals Idriss die jarenlang werkzaam was bij een tuinbouwbedrijf, maar ook dat bedrijf ging op de fles. “Het zijn moeilijke tijden, maar we willen graag weer aan de slag.” Twee vaders kregen vanuit het buurtvaderschap onlangs een baan aangeboden als beveiliger. Er is dus nog hoop. “Maar we doen dit niet voor onszelf”, zegt Mohamed stellig. “We doen dit voor de kinderen. Voor de toekomst.”

Dit verhaal verscheen eerder op derotterdammert.nl. Een website met Rotterdamse verhalen, interviews en fotoseries.
Tekst: Mitchell Daamen
Foto: Karl Ketamo

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *